Sinds 1-1-2017 kunt u gebruik maken van onze interne VSO/BSO van Kidscasa.

 

Snel naar:

 

informatieboekje 2016-2017.pdf

Kalender 2016-2017.pdf
Infoboekje groep 1 en 2, 2016 - 2017.pdf

Schoolgids 2016-2017.pdf

Protocol-2016-definitief.pdf

Cultuurmenu 2016-2017.pdf

 

https://www.kivaschool.nl/ouders/

 

Nieuwsbrief 18, 2016 - 2017.pdf

 

Nieuw in Fotoalbums in mijnalbum.nl

Schoolreisje groep 1 en 2

Kunstproject

 

Boeken online

Klik op de afbeelding hierboven om naar de speciale bestelsite te gaan of klik hier voor meer informatie

 

 


 

 

login

Protocol leerlingenvervoer

 

 

ONDERDEEL: VERVOER PER AUTO

 

 

Inleiding.

 

Voor cbs De Hoeksteen is het onderhavige protocol van toepassing op het door de school georganiseerde groepsvervoer van leerlingen van en naar school en naar andere bestemmingen in het kader van schoolactiviteiten.

Met dit protocol wordt beoogd voorschriften te geven aan het personeel, ouders c.q. vrijwilligers en andere partijen die het leerlingenvervoer verzorgen, met als doel daarmee de (verkeers)veiligheid van leerlingen zoveel mogelijk te waarborgen.

Wettelijke regels die van toepassing zijn op leerlingenvervoer, zoals omschreven in de weg- en verkeerswet, de Wet Personenvervoer en de Regeling Zitplaatsverdeling Bussen en auto’s (ingegaan op 1 september 2002 en de nieuwe Nederlandse regels voor veilig vervoer van kinderen in de auto per 1 maart 2006) vinden hun weerslag in dit protocol.

 

Vervoer per auto.

 

Voor het vervoeren van leerlingen per auto stelt het protocol het volgende.

 

De chauffeur neemt het volgende in acht:

 

1.       Verkeersregels.

De chauffeur houdt zich aan de wettelijk vastgestelde verkeersregels. Bekeuringen gerelateerd aan (verkeers)overtredingen door de chauffeur kunnen niet worden verhaald op de school.

 

2.       Route.

Er wordt niet in colonne gereden aangezien dan de mogelijkheid bestaat dat voornamelijk op de auto die ervoor rijdt wordt gelet en minder op het totale verkeer.

Beter is om gebruik te maken van een navigatiesysteem of om een duidelijke routebeschrijving (met eventuele rustplaatsen) te overhandigen en toe te lichten. Of vooraf wordt door de leerkracht een route overlegd die door alle begeleiders gevolgd wordt. Eventueel worden er rustplaatsen afgesproken.

 

3,       Aantal te vervoeren personen.

Er worden niet meer kinderen in de auto vervoerd dan er autogordels aanwezig zijn. De kinderen mogen dus niet in de bagageruimte van de auto worden vervoerd.

 

4.       Plaats van de te vervoeren leerlingen.

 

Basisregel:

  • Kinderen kleiner dan 1,35 meter moeten altijd in een passend en goedgekeurd (ECE R44/03 of ECE R44/04) kinderzitje of op een zitting-verhoger zitten bij vervoer van eigen kinderen.
  • Kinderen vanaf 1,35 meter en volwassenen moeten gebruik maken van de veiligheidsgordels voorin en achter in de auto.
  • Bij incidenteel vervoer van andermans kinderen over een korte afstand (minder dan 50 km) is een kinderzitje niet verplicht.

 

5.       Autogordels.

  • De bestuurder van de auto let erop dat de kinderen de autogordels voor vertrek om doen en dat ze die tijdens het rijden niet afdoen.
  • De driepuntsgordel als heupgordel gebruiken mag niet. De driepuntsgordels zijn hier niet voor gemaakt en bieden dan onvoldoende veiligheid.
  • Als op de achterbank al twee kinderzitjes in gebruik zijn en er voor een derde geen ruimte is, dan hoeft het derde kind, mits ouder dan drie jaar (ook al is het kleiner dan 1,35 meter) op de achterbank niet in een kinderzitje. Het moet dan wel de autogordel om.
  • Voor vertrek controleert de verantwoordelijke leerkracht of het aantal leerlingen dat per auto wordt vervoerd aan de hierboven gelden regels voldoet.
  • Indien er te weinig geldige zitplaatsen voor de leerlingen beschikbaar zijn, neemt de verantwoordelijke leerkracht het besluit om geen vervoer te laten plaatsvinden.

 

6.       Kinderslot.

Indien aanwezig, wordt er gebruik gemaakt van kindersloten.

 

7.       In- en uitstappen.

De kinderen dienen op een veilige plaats in- en uit te stappen: aan de trottoirkant of, als er geen trottoir is, in de berm. Begeleiders dienen zelf eerst uit te stappen.

 

8.       Verzekering.

Er wordt van uitgegaan dat de rijdende ouder een deugdelijke W.A.-verzekering en een inzittendeverzekering heeft afgesloten.

 

9.       Rijbewijs.

Bestuurders dienen in het bezit te zijn van een geldig Nederlands rijbewijs en dit ook bij zich te hebben.

 

10.     Telefoonnummer.

Het telefoonnummer van de verantwoordelijke leerkracht is bij alle bestuurders bekend.